latest news

23.06.2009

Het wordt weer warmer buiten. De eerste wespen zijn er alweer. Wij helpen u graag aan een fijne tijd in de zon! Bel voor een afspraak

06-12680346

Contactgegevens

Chris Schoppen

Locatie's

Ternaard / Leeuwarden / Burgum / Drachten / Heerenveen / Groningen

06-12680346

24 uur per dag, 7 dagen per week, 365 dagen per jaar staan wij voor u klaar

Zilvervisje

Het zilvervisje (Lepisma saccharina), ook wel suikergast, is een klein insect, behorend tot de orde van de Thysanura, een orde van primitieve insecten die volgens sommige taxonomen niet echt tot de insecten moet worden gerekend. De naam verwijst naar de zilverachtige glans van de schubben die het lichaam Zilvervisje bedekken en misschien ook naar zijn vermogen watervlug weg te glippen. Zilvervisjes worden ongeveer twee centimeter lang en worden in Nederland vooral gevonden in vochtige hoeken in badkamers of keukenkastjes. In boeken en papieren aangetroffen 'zilvervisjes' zijn waarschijnlijk van een verwante soort, het papiervisje. Ze voeden zich met organisch materiaal, waarschijnlijk vooral suikers en wat complexere koolhydraten (stijfsel, zetmeel). Zilvervisjes worden vaak 's morgens gevonden in badkuipen en gootstenen waar ze 's nachts in gevallen zijn, aangezien ze zich moeilijk over gladde oppervlakten bewegen. Verwanten waarmee het zilvervisje kan worden verwisseld zijn het papiervisje dat in drogere omgevingen leeft en vooral papier eet, en het ovenvisje dat bij beduidend hogere temperatuur gedijt en maar zelden meer wordt aangetroffen in woonhuizen.

Uiterlijk

De zilvervis heeft een lang en plat lichaam en kan tussen de 0,5 en 2,0 cm lang worden. De voorzijde is rond en het lijf eindigt in een punt. De kleur van het insect is glanzend grijs (zilver). De eieren zijn ovaal en zijn ongeveer 0,8 millimeter lang. De kop van het insect loopt breder uit. In het algemeen ziet het lichaam er enigszins als een wortel uit. De insecten zijn kwetsbaar, hebben twee veelledige sprieten aan de voorkant van hun lichaam en hebben twee cerci (= aanhangsels) en een caudaal filament aan de achterkant van hun lichaam.

Levenscyclus & gedrag

De insecten leven voornamelijk 's nachts en verstoppen zich overdag. Als de plek waar ze zich verbergen zichtbaar wordt gaan de insecten snel op zoek naar een nieuwe plek om zich te verstoppen. De zilvervis leeft het liefst in vochtige (75 tot 95 procent luchtvochtigheid) koude plaatsen, zoals de kelder, toilet, badkamer en de keuken. De zilvervis wordt veel gevonden in nieuwbouwwoningen wegens de nog vochtige muren en het gebruikte hout. De insecten komen vaak het huis binnen door mee te liften met voedsel, meubilair, oude boeken, papier en oude kleding.

Voortplanting

Pas recentelijk is het voortplantingsmechanisme van het zilvervisje ontdekt. Het mannetje laat een spermatofoor, een spermacapsule, achter. De locatie van deze capsule wordt door middel van biochemische signalen door een vrouwlijk zilvervisje bepaald, waarna zij de capsule opneemt. Vrouwelijke zilvervissen leggen ongeveer 100 eitjes in hun leven. Eitjes worden in groepen tot maximaal 3 eitjes tegelijk gelegd. Deze eitjes komen uit in zes weken. Kleine zilvervisjes zien er hetzelfde uit als volwassen, alleen zijn ze nog wit van kleur. In vier tot zes weken krijgen ze de volwassen kleur. Volwassen zilvervissen kunnen 2 tot acht jaar oud worden. Ze blijven hun hele leven vervellen, wat uitzonderlijk is bij de insecten. Zilvervisjes zijn geslachtsrijp in 3 tot 24 maanden.

Preventie

HygiŽne is erg belangrijk maar niet volledig effectief in het reduceren van de populatie omdat de insecten vaak tussen de muren, in isolatiemateriaal, boeken en andere beschermde plaatsen verblijven. Geef extra aandacht aan stapels kranten, tijdschriften en bedorven voedsel. Door te minderen met water en de luchtvochtigheid omlaag te brengen, bijvoorbeeld door ventilatie en Zilvervisjevochtvreters te gebruiken, wordt de woning minder aantrekkelijk voor deze insecten. Door lekkende kranen te dichten en donkere plekken beter te verlichten kan men ervoor zorgen dat de insecten zich op een beter bestrijdbare plaats gaan vestigen. Of bestrijding nodig is bij een populatiegrootte die tot een incidentele waarneming leidt is overigens maar zeer de vraag - ze veroorzaken meestal geen waarneembare schade.